Stilstand in het politieke landschap

Politici zeggen wat kiezers willen horen. Media schrijven waar men over praat. Kiezers vinden belangrijk wat media over schrijven. Maak kennis met de Cirkeldriehoek van de Stilstand, die ervoor zorgt dat er nooit echt iets verandert in Nederland.
Iedere verkiezing denk ik weer: dit kan niet stompzinniger, infantieler, lachwekkender. En iedere keer schiet de Publieke Omroep me weer te hulp.

Dit keer had Nieuwsuur de eer een verkiezingsdebat te organiseren in de aanloop naar de Provinciale Staten. En dat deden ze door acht politici waar je niet op kunt stemmen te laten debatteren over onderwerpen waar de verkiezingen niet over gaan.
De PVV had voor de gelegenheid een buikspreekpop met halflege batterijen afgevaardigd, die af en toe vastliep bij het opdreunen van de oneliners die Grote Geert haar had ingefluisterd. Gelukkig kon je er altijd nog een muntje ingooien, dan kwam er net op tijd wel weer een moslim uit.
Verder gaf Elco Brinkman acte de présence: een man die, als ik mij niet vergis, al in de politiek zat toen de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden werd opgericht en in die hoedanigheid als perfect symbool functioneert voor het tempo waarin het CDA aan het herboren is geslagen.
Ook leuk om weer eens te zien: Thom de Graaf, de ex-minister van Bestuurlijke Vernieuwing die heel demonstratief aftrad toen de gekozen burgemeester er in de Tweede Kamer niet doorheen kwam, om zich vervolgens acuut te laten benoemen tot burgemeester van Nijmegen. Kan het nog principiëler?
Je tijd gaat nú in, Elco
Al even vertrouwd als het aangezicht van Elco en Thom, met het vastgelopen PVV-plaatje op de achtergrond, was de formule van het debat: politicus krijgt een potsierlijke hoeveelheid tijd om te reageren op een potsierlijk complexe stelling.
Vroeger kreeg je daar soms nog weleens een hele minuut voor, maar inmiddels had de redactie van Nieuwsuur dat uit voorzorg teruggebracht tot twintig seconden – want voor je het weet krijgt het thuispubliek immers een volzin te verduren, of erger nog: een argument. En we weten allemaal wat dat betekent: een Zapmomentje.
Als vanouds was ook de functie van de debatleider, namelijk: knikken. Heel veel knikken. Vooral niet het debat leiden, nee, knikken.
Dus, Elco, terrorisme, wat eraan te doen? Je tijd gaat nu in.
‘Dank Twan. Het CDA…’
‘Ach jee, dat was de zoemer alweer. Toch fijn even te horen van welke partij je ook alweer was.’
‘Geen probleem, Twan.’
En wanneer de PVV’er weer eens die hardnekkige leugen debiteert dat ‘niet alle moslims terroristen zijn, maar alle terroristen wel moslim’ – zeker blijven knikken.
‘Iemand anders nog wat nonsens die hij de ether in wil slingeren? Nee? Dan gaan we door naar de peilingen.’

De Cirkeldriehoek van de Stilstand
Je kunt vijf keer promoveren op de vraag waarom zes op de tien Nederlanders wegblijven bij een verkiezing. Je kunt ook gewoon de tv aanzetten: mensen waar je niet op kunt stemmen, die dingen zeggen die niet kloppen, over zaken waar ze niet over gaan, in een hijgerig tijdbestek van 20 seconden.
Maar eigenlijk is de reden voor de lage opkomst natuurlijk veel simpeler: het maakt domweg niet zoveel uit waar je op stemt. Niet voor niets noemt socioloog Willem Schinkel Nederland ‘een museum’ – alles in ons politieke systeem is erop gericht alles zoveel mogelijk te houden zoals het is.
Mensen met de meeste macht om dingen te veranderen hebben er per definitie het meeste belang bij om dingen te houden zoals ze zijn – ze zitten immers lekker bovenin de piramide. Maar de behoudzucht is in Nederland ook nog eens geïnstitutionaliseerd in wat je de Cirkeldriehoek van de Stilstand zou kunnen noemen: politiek – kiezer – media.
Zo probeert de politiek niet de kiezer te overtuigen van haar eigen idealen, integendeel: ze probeert juist zoveel mogelijk te weerspiegelen wat de kiezer al vindt. Noem het de peilingendemocratie: u vindt, wij volgen.
De media ondertussen doen hetzelfde: hun obsessie met kijkcijfers en kliks maakt dat ze de publieke opinie vooral volgen in plaats van vormen. Niet een eigen idee van maatschappelijke relevantie dicteert de voorpagina’s, de journaals of de thema’s van een verkiezingsdebat, nee, andersom: nieuws is dat wat ‘leeft’ – en dat wat leeft is ‘wat nieuws is.’ Een soort Droste-effect: men praat waar media over praten, en media praten waar men over praat.
De driehoek wordt gecompleteerd door de kiezer die voor zijn mening vooral afgaat op wat media hem voorspiegelen: in plaats van een eigen idee te vormen over de wereld waarin hij zou willen leven, laat hij zijn stem bepalen door wat er op dat moment in het nieuws is, gecombineerd met wat de Stemwijzer op dat moment belangrijk noemt.
Deze driehoek maakt radicale vernieuwing – een circulaire economie, een totaal andere energievoorziening, een nieuwe definitie van welvaart – nagenoeg onmogelijk. De politiek modelleert zich naar de communis opinio, de communis opinio modelleert zich naar de politiek en de media zijn de spiegel van beiden – maar wie probeert haar nog te veranderen?
Zodoende krijg je verkiezingsdebatten waar de eerste twintig minuten opgaan aan een thema als terrorisme. En waarom? Omdat media erover praten, omdat mensen er bang voor zijn, omdat media er zoveel over praten, zodat politici zich genoodzaakt voelen er iets aan te doen.
Dan krijg je dus politici die terreur allemaal ‘keihard willen aanpakken’, maar over olie- en gasafhankelijkheid met geen woord reppen.

Naar “Democratie: stemmen op wat je al vindt om te behouden wat er al is”, Rob Wijnberg in Correspondent Media, Politiek & Filosofie

Jaap de Moor, kandidaat Statenlid

Geef een antwoord